Blote voeten – juni 2012

Bij Ruth 3:1-9
Voor de kinderen: jongen/meisje
Wie is er in de dierenwereld meestal mooier?
Het mannetje of het vrouwtje?
Foto’s…
Nou, dan lijkt het me logisch wie er in de mensenwereld mooier is…
Gesprek…

Wie zijn er slimmer, jongens of meisjes?
Wat kunnen meisjes beter dan jongens?
En andersom?

Toen ik zo oud was als jullie was ik toch wel heel nieuwsgierig naar meisjes!
Ik dacht: wat is het nou dat meisjes zo anders maakt?
En dan gaat het er niet over dat ze er anders uitzien.
Nou, weten jullie het?
Wat is het dat meisjes zo anders maakt dan jongens?

Ik zal je iets verklappen.
Ik vind echt dat meisjes slimmer zijn dan jongens.
Misschien is slim niet het goede woord.
Ze voelen beter aan wat goed is … geloof ik.
Ze zijn niet slimmer, maar wijzer…

Ik ga een verhaal voorlezen uit de bijbel
over twee slimme, wijze vrouwen.

Meditatie

Lieve mensen,
de bijbel schildert beelden van God,
meerdere beelden zodat we God niet in één beeld kunnen vastleggen.
Toch schemert in die veelheid een gezicht,
kom je tot herkenning van wat je in alle voorzichtigheid zou kunnen noemen:
God van de bijbel.
Tussen soms vreselijke Godvoorstellingen heb je soms ineens een moment
dat je zegt: ha, daar is ie weer, de bevrijdende!
Je kunt ook zeggen: We zien een ontwikkeling in de bijbel zelf
en gaandeweg tekenen zich de contouren af
van een nogal unieke God in het pantheon.
De vraag bij het verhaal van vanmorgen is:
Hoeveel ruimte biedt de God van de bijbel voor menselijke inbreng:
menselijke slimheid, erotiek, schoonheid, verleidingskunsten?
We duiken in het verhaal, maar niet voordat we eerst in het Hebreeuws duiken.

Het Hebreeuws is vaak sappiger, volkser en ruiger,
maar ook veel grappiger dan in de kerken gedacht wordt.
Onze vertalingen zijn zo correct, zo braaf, zo burgerlijk.
Ik zal een voorbeeld noemen van helder beeldend taalgebruik
dat in de vertaling is weggevallen.
Regelmatig vinden we in Oude Testament de uitdrukking:
al wat mannelijk is.
Maar letterlijk staat er:
Al wie piest tegen de muur.
Een prachtige uitdrukking die het precies zegt!
Want dat kunnen echt alleen mannen!
In die zin lijkt het Hebreeuws op onze dialecten,
die ook vaak veel sappiger en beeldender zijn dan het ABN.
Waarom die zintuiglijke, gekruide taal wegmoffelen?
Waarom zijn we, ook in de kerk, zo flauw geworden?
Er zijn nog wel voorbeelden te noemen
die ons wellicht het schaamrood naar de kaken zouden jagen…
Ik zal het nu niet doen…

Een ander aspect van het Hebreeuws is het subtiele woordspel,
het net niet noemen van dingen maar wel heel zintuiglijk verwijzen.
Zoals in dit verhaal waarin allemaal associaties
met intimiteit en erotiek verborgen zitten.
Als er gesproken wordt over Boaz als een bekende,
dan is dat alvast een knipoog
naar het overduidelijke erotische vervolg van dit verhaal.
Bekennen – dat woord staat immers voor seksuele gemeenschap:
Adam bekende zijn vrouw.
Kijk, in de cultuur van toen was seksualiteit niet iets
waar besmuikt over gedaan werd
en al helemaal niet iets zondigs of vies,
integendeel, het hoorde voluit bij het leven als scheppingsgave.
Dus als Naomi Ruth aanspoort om zich te baden,
te parfumeren en mooi aan te kleden,
dan is dat een niet mis te verstane, bijna openlijke oproep
om Boaz te versieren.
En als de Hebreeuwse verteller fijntjes onthult
hoe Ruth op de dorsvloer zijn voeteneind ontbloot,
dan weet de hoorder van toen dat het heus niet bij die blote voeten bleef.
Het betekent niets meer en minder dan dat ze zich aan hem aanbiedt
in alle zintuiglijkheid en lichamelijkheid die daarbij hoort.
Ze vraagt het ook rechtstreeks en onomwonden
in de gebruikelijke uitdrukking van toen:
spreid je vleugels over mij uit, oftewel: neem mij.

Twee goocheme, sterke vrouwen zijn het, aan elkaar gewaagd.
En dat behaagt God.
Deze vrouwelijke boerenslimheid valt samen met zijn Geest.
Het past naadloos in God, dit typisch vrouwelijke, wijze plan van Naomi
om haar recht te halen – want daar gaat het om!
In het verhaal van Ruth is God uiteindelijk niet de veroorzaker van de ellende,
niet in het letterlijk uit-landig zijn,
niet in het bittere lot dat Naomi treft…

Ik kom dit Godsbeeld – van een god die samenvalt met het lot –
nog zo vaak tegen: God als een man in de hemel die ons leven regisseert.
Pas nog: een vrouw die ernstig ziek was klaagde haar nood en zei:
God kijkt de andere kant uit…
Ik gun ieder zijn of haar eigen Godsbeeld – en wie ben ik?
Maar ze leed nu zo onder haar voorstelling en verwachting
dat ik genoodzaakt was te zeggen: God kijkt niet!
Ik kan het niet vaak genoeg benadrukken,
omdat dat Godsbeeld zo hardnekkig is
en omdat mensen zo’n last hebben van dat beeld.
Ik zeg het met alle risico en vanuit m’n eigen onwetendheid:
Ik denk niet dat God “iemand” is
en al helemaal niet iemand die jou die ziekte heeft aangedaan.
Ik ervaar God als de kracht en de liefde in je ziek zijn.
God is de Geest en de wijsheid van de Geest in jou.
En zoals je soms de aarde – ook niet “iemand” –
aanspreekt als Moeder Aarde,
omdat je van haar leeft en uit haar bestaat,
zo, bij wijze van spreken, noem je de Geest een Vader,
omdat je die Geest als je bron ervaart.

Ook in dit verhaal is God ten diepste niet de veroorzaker
van de hongersnood en de ziekte,
ook al lijkt het in de formuleringen van de verteller soms wel zo.
Veel overtuigender wordt God zichtbaar in de lossingregels van de Tora
en in de slimme wijze waarop Naomi en Ruth daar gebruik van maken.
God is de losser, de trooster, degene die recht doet
via zijn leefregels, maar ook via de krachtige inbreng van Ruth en Naomi,
en dus ook via het slimme erotische vermogen van Ruth.
Erotiek is ook een kracht…

En dan gaat het niet om enkel het persoonlijke belang.
Ruth versiert Boaz niet alleen maar omdat ze hem zo’n leuke gozer vindt!
Dat zal ze ook wel vinden maar het gaat om meer…
Boaz is de losser die hen recht kan verschaffen.
Het gaat hier om recht, het recht van de berooide Naomi,
het recht van de kansloze buitenlandse, Ruth,
het recht van vreemdeling, weduwen en wezen,
het recht van de armen.
Het gaat hier om toekomst,
toekomst van hen die geen toekomst lijken te hebben.
Ruth neemt haar verantwoordelijkheid,
de verantwoordelijkheid voor Naomi en voor het nageslacht
dat hen allebei is ontnomen.
Daarbij gooit zij al haar vrouwelijke charme in de strijd.
En het behaagt God dat zij zich zo op haar recht beroept.
Daarin is God dus:
in de menselijke inbreng,
in het erotische spel,
in de menselijke verleidingskunst,
in de menselijke regels voor recht –
zo ook in onze samenleving van nu.

Zoals God in Jezus was,
in Jezus als hij zieken genas,
als hij mensen recht verschafte,
als hij het voor de armen en de vreemdelingen opnam,
als hij wees op de kern van de Tora,
als hij het opnam voor hen
die met de erotiek hun brood moeten verdienen…

En daarom heeft Mattheus deze Ruth, driedubbel buitenstaander:
nota bene Moabitische, en kinderloze weduwe en wees –
opgenomen in de stamboom van Jezus.
Het is goed om je recht te zoeken
met alle middelen die je ten dienste staan.
Daarin zien we de trekken van een gezicht.
Gods gezicht.
Amen.

Liturgie rondom Ruth 3:1-9 / Mattheus 1:1-6

(zomer 2012, Brouwershaven)
Welkom en mededelingen
Intochtpsalm: Psalm 67:1
We zijn stil voor het geheim van brood en wijn…
Bemoediging: Onze hulp in de naam van de Eeuwige, die hemel en aarde gemaakt heeft / amen.
Groet: De vrede van Christus met allen, amen.
Zingen: Psalm 67:2
Openingsgebed (drie in een, met stiltes)
Zingen: Als je geen liefde hebt voor elkaar… (Lied 422 Ev. Liedb.)
Voor de kinderen: Afscheid Jo-Anne en Isabeau
Lezingen: Ruth 3:1-9 / Mattheus 1:1-6 (Naardense bijbel)
Zingen: Gez. 70:1,2,3
Meditatie: Blote voeten…
Zingen: Gez. 70:4,5,6
Collecte
Liturgie van de Tafel
Voorbeden
Tafelgebed: Het geheim van brood en wijn
Nodiging / Communie op de plaats / Lopende communie / Communie ambtsdragers
Lofprijzing: Prijst de Heer, mijn ziel (Taizé, Ev liedb. 331 – 1 a, 2 v, 3 m, 4 a)
Dankgebed
Slotlied: Psalm 67:3
Zegene u allen de eeuwige Liefde, in Vader, Zoon en heilige Geest, amen.
Inkeer, stilte en gebed
Kom over ons, scheppende Geest,
moedervogel van het begin,
spreid uw vleugels over ons uit
en doe ons rusten in de schaduw
van uw stilte

Ontferm U over ons.
Ontferm U over de wereld in nood en dood.
Ontferm U over uw mensen opgejaagd en bedreigd.
Ontferm U over ons.

Kom over ons, scheppende Geest,
moedervogel van het begin,
spreid uw vleugels over ons uit
en genees onze zielen
in uw zachte licht.
Amen

Voorbeden
Voor de wereld bidden wij U.
De durende armoede en honger in zoveel Afrikaanse landen.
De onderdrukking en het mensonterende lijden in Syrië.
De zorgen om de economie in Europa, in het bijzonder Griekenland.
Voor de mensen bidden wij U.
Voor mensen die iemand verloren aan de dood.
Voor allen die ziek zijn, thuis, in ziekenhuis of verpleeghuis.
Voor ieder die zich eenzaam voelt, los van U, koud van binnen.
Voor mensen met financiële problemen.
Voor onze geliefden en voor onszelf in de stilte:

Zo leggen wij onze voorbeden voor U neer.
Schenk ons de vrede van Christus, die ons leerde te bidden: Onze Vader….