Brandende Harten – pasen – april 2012 –

Voor de kinderen: Het wafelijzer van mijn moeder
Wat heb ik nou toch bij me? Ken je dit?
(goed laten zien, gesprekje: eet je ook wel eens wafels? Etc.)
Wat heeft dit wafelijzer met Pasen te maken?

Het is het wafelijzer van mijn moeder, die allang niet meer leeft.
Zij hield er erg van om voor ons allemaal wafels te bakken.
Ze kon het ook heel goed.
Ze had een speciale manier: een beetje van dit en een beetje van dat…
Zoveel eieren, zoveel bloem, zoveel melk, zoveel gist, zoveel kaneel…
… en een scheutje cognac!
Ik heb het goed afgekeken.
Ik ben de enige in de familie die het recept kent.

Toen mijn moeder gestorven was ben ik het meteen ook gaan doen:
Wafels bakken.
En weet je, altijd als ik voor de familie wafels bak,
dan is mijn moeder heel dichtbij.
Dan zie ik haar gezicht en dan is het net of ik haar stem hoor.
Dan zie ik haar handen die in het beslag roeren.
En dan doe ik ook heel erg mijn best om het op haar manier te doen.
Want het is net of ze meekijkt: nog ietsje meer suiker…

Als we wafels eten leeft mijn moeder nog.
Dan is ze in ons midden.
Zo is het ook als we in de kerk bij elkaar komen.
Maar dan gaat het over Jezus.

Met Pasen vieren we dat Jezus nog bij ons is,
zoals mijn moeder bij het wafels bakken bij ons is.
Dat is wat dit oude wafelijzer met Pasen te maken heeft.

Voor de lezingen:

Het evangelie volgens Lukas is eind 1e eeuw geschreven, tussen de jaren 80 en 100. Lukas was vermoedelijk een arts die lid was van een christelijke gemeente buiten Palestina. Veel meer dan bv. het oudere evangelie van Marcus schrijft hij vanuit die gemeente, het reilen en zeilen, de samenkomsten rond Schrift en Tafel, de betekenis en het belang daarvan. In het vandaag te lezen gedeelte kunnen we dat heel goed terugvinden: Schrift en Tafel.

Meditatie

Lieve mensen,
Lukas zit te denken…
Hij denkt wat anderen vast ook wel eens denken:
Waarom doe ik dit eigenlijk allemaal?
Geloven en bidden en bij elkaar komen om dat samen te doen?
Vertellen over God en Jezus en de liefde en brandende harten…?
Schrijven en de behoefte hebben om mensen te troosten…?
Waarom doe ik dit allemaal? – zit Lukas te denken.

Lukas denkt: ik ben blijkbaar door iets gegrepen.
Er is blijkbaar iets dat mij zo boeit dat ik er dus niet los van kom.
Het verhaal van Jezus.
Boeiend!!! – zegt Lukas, zoveel jongeren van nu als ze dat juist niet vinden …
… maar hij meent het!
En hij vraagt zich af: Wat is er dan zo boeiend aan die Jezus?
Wat gebeurt er toch wanneer ik nog maar aan hem denk?
Wanneer we samen komen en zijn verhalen vertellen?
De oude Schriften openen en ze lezen zoals hij ze las?
Wat gebeurt er wanneer we het brood breken
en het delen zoals hij dat deed?
Wat is dat toch geheimzinnig
dat er zoiets vreemds over ons komt als we samen zijn om hem te gedenken,
zoveel decennia na hem.
Dat we soms enthousiast kunnen worden, helemaal warm worden,
gaan gloeien, dat onze harten in vuur en vlam komen te staan
alsof we verliefd zijn…
Dat het, ook al is Jezus niet meer fysiek bij ons, toch net is
of we zijn stem horen, zijn ogen zien,
zijn geest in ons voelen…
Dat hij onder ons leeft, in ons leeft…
Hoe zou ik dat geheim eens kunnen omschrijven?

Lukas zit te denken.
En dan gaat Lukas schrijven, want zo gaat dat.
En hij ziet het voor zich, want Lukas is een schilder als hij schrijft.
Twee mannen ziet hij voor zich, op een weg,
mensen onderweg, hij is het zelf, wij zijn het.
Zo gaat dat met ons mensen, wij zijn op weg, we gaan ergens heen.
Naar een zeker Emmaüs, maar dat maakt eigenlijk niet uit.
Dat is ons leven, onderweg zijn naar een zeker Emmaüs.
En we praten met elkaar,
praten over de verschrikkelijke dingen die er in de wereld gebeuren:
Syrië, Mali, de crisis, de gebroken droom van een profeet,
misschien dingen in ons eigen leven…
En we zijn somber gestemd, het is ons aan te zien
dat we somber zijn gestemd…

En dan kan het zomaar gebeuren dat je een verhaal hoort,
een inspirerend verhaal, een verhaal
over iemand die je pad kruist, een vreemdeling in Jeruzalem.
Iets in dat verhaal raakt je, het is
of iemand een stukje van jouw weg met je oploopt.
Geen idee heb je wat of wie het is.
Eerst erger je je omdat je hem niet kent
en wat de boer niet kent eet hij niet.
En je ergert je omdat hij blijkbaar niet somber is gestemd.
Integendeel, hij straalt een en al vreugde uit en warmte.
Dat is het, je wordt warm van zijn woorden.
Een hartverwarmend mens is het die in dat verhaal met je oploopt.
Wat is dat toch?
Wat is het geheim van die persoon?
Die mysterieuze vreemdeling?
Wat is dat toch dat de dingen nu op hun plek lijken te vallen?
Dat die mens niet verscheurd is maar uit één stuk lijkt te bestaan?

Lukas zit te denken…
Hij ziet het voor zich.
Hoe die mensen onderweg, hoe wij
gekluisterd zijn aan de lippen van die vreemdeling…
Hoe we gaandeweg onze treurnis vergeten
en meegenomen worden in zijn enthousiasme….
Ja, dit is wat er gebeurt, denkt Lukas terwijl hij schrijft,
Dit is wat er gebeurt als we samenkomen rond de Schriften
en de verhalen horen van die man in wie God zelf oplichtte,
en vooral: als we het brood breken…
Wacht, dat ga ik er nu in verwerken!

Het brood breken, brood, dat staat voor het goede van God.
Dat wat van God is, delen met je medereiziger
op je weg door dit leven.
Dan gebeurt er iets, dan ontstaat er iets tussen mensen.
Dat wat Jezus vertegenwoordigde, delen met elkaar,
dat maakt enthousiast, dat doet je hart opspringen.
En Lukas vertelt, hij ziet het voor zich,
hoe de vreemdeling het gebaar maakt van het breken van het brood
en hoe dat gebaar plotseling duidelijk maakt wat hier gebeurt.
In dat gebaar gebeurt Jezus, gebeurt de liefde zelf.
Hij is niet dood, zijn liefde is hier springlevend onder ons.
Telkens als we het brood breken wordt Gods liefde zichtbaar.

Lukas heeft de spanning opgevoerd.
Steeds wisten zijn hoofdpersonen maar niet wat er nu precies aan de hand was,
wat het nu eigenlijk was dat hen zo in vuur en vlam zette.
Maar Lukas, de meester-verteller want meester-schilder,
laat het ze nu uitspreken wat er gebeurt:
Brandde ons hart niet in ons
terwijl hij onderweg tot ons sprak en ons de Schriften ontsloot?
Brandende harten, gloed, vuur…
Lukas kent zijn klassiekers:
Dit zijn allemaal beelden uit de sfeer van de liefde –
in het bijzonder het Hooglied!
FIRE!

Lukas zit te denken…
Bewust gebruikt hij beelden uit de liefdespoëzie
om de ervaring van Pasen duidelijk te maken.
Als ik het beeld schilder van brandende harten, denkt hij,
dan zal het de mensen duidelijk zijn
dat het de liefde is waarin die twee mannen Jezus herkennen,
dat het de liefde is waarin wij onze gestorven geliefden herkennen.

… korte stilte…

Het zijn niet de wafels van mijn moeder
die onze harten doen branden,
het is haar liefde die daaruit sprak.
Het zijn niet de woorden van Jezus, het is niet het brood,
het is niet zijn fysieke aanwezigheid,
die ons in vuur en vlam zetten,
het is zijn liefde.
Mijn moeder is dood, al tien jaar.
Haar liefde leeft, misschien nog wel meer
dan toen ze onder ons was.
Jezus is vermoord.
Zijn liefde leeft.
Wie zou die kunnen vermoorden?

Lukas legt zijn pen neer.
Ik heb het laten zien, denkt hij, in mijn schilderij: de Emmaüsgangers.
Pasen is het feest van de opgestane liefde.
Pasen is het feest
van de brandende harten.
Amen

liturgie

Welkom en mededelingen

Intochtlied: U zij de glorie (versie Tussentijds 172)
We zijn stil voor het geheim van Pasen…
Bemoediging:
Vg.: Onze hulp in de naam van de Levende
Allen: die hemel en aarde gemaakt heeft.
Vg.: De vrede van Christus met u
Allen: ook met u de vrede van Christus, amen.

Drempelgebed:

Vg.: Kom in ons leven, Geest van opstanding
Allen: Doe ons opstaan.
Vg.: Kom in ons leven, in onze onmacht en zwakheid
Allen: Doe ons opstaan.
Vg.: Kom in onze liefde, in onze ontoereikendheid en schuld.
Allen: Doe ons opstaan.
Vg.: Kom in onze harten en wek ons op.
Allen: Doe ons opstaan, amen.

Zingen: Gez. 210

Kyriëgebed (door Corrie)

Glorialied: Gez. 215:1

Gebed bij de opening van de Schriften (door Corrie)

Verhaal voor de kinderen: Het wafelijzer van mijn moeder…

Zingen: Gez. 224:1

Lezing: Hooglied 8:6 (door Wim)

Zingen: Gez. 224:2

Lezing: Lukas 24:1-6a (door Wim – allen staan)

Zingen: Gez. 224:3,4

Lezing: Lukas 24:13-24 (door Gerda)

Zingen: Gez. 224:5,6

Lezing: Lukas 24:25-32 (door Gerda)

We luisteren naar een fragment uit “Fire” van Bruce Springsteen

Meditatie: Het wafelijzer van Lukas
(Lukas zit te denken…)

We luisteren naar orgelmuziek

Zingen: Gez. 72

Gebeden (door Heleen)

Collecte

Slotlied: Een nieuw Paaslied (melodie: Midden in de winternacht, Evang. Liedb. 106)

Midden in de lentetijd
gaat de aarde open.
Na de donkere wintertijd
mogen wij weer hopen.

Refrein:
Stem met alle vogels in.
Bloei als bloemen en bemin.
Laat de citer slaan, blaast de fluiten aan,
laat de bel, laat de trom, laat de beltrom horen.
Liefde is herboren!
Als de vrede wordt vermoord,
liefde weggenomen,
spreekt God het verlossend woord:
laat het licht weer komen.
Refrein
Als je droom gebroken is
roep dan uit de diepte,
tot het licht, de God-die-is
en sta op in liefde.
Refrein

Zegen:
Het licht van de Paasmorgen,
de kracht van de opstanding,
de Geest van de levende Christus
over uw leven,
amen.

Kyriëgebed
Heer ontferm U, Christus ontferm U, Heer ontferm U.
Over het wereldgebeuren,
over de mensen die leven in onrecht en onderdrukking,
het verdriet van de kinderen,
de bedreigde aarde.
Ontferm U over al wat kwetsbaar is en mooi,
over uw Geest in ons,
over de liefde.
Ontferm U over de prille hoop van Pasen in onze harten.
Heer ontferm U, Christus ontferm U, Heer ontferm U.
Amen.

Gebed bij de opening van de Schriften
Levende Geest in ons bestaan,
Geest van opstaan,
Geest van licht en lente,
Geest van Pasen,
kom over ons in dit uur.
Wakker het vuur aan in onze geest,
adem de gloed van liefde in ons leven,
verwarm onze harten met het oude, altijd nieuwe verhaal,
in Christus, de levende.
Amen.

Gebeden
Gij, levende God,
opgewekte liefde zijt Gij,
wij loven U om uw aanwezigheid in ons leven,
wij loven U om het Paasfeest.

Wek ook ons op,
wek ons op uit vertwijfeling en angst,
wek ons op uit traagheid en ongeloof,
wek ons op uit luie liefde.

Wij bidden U voor al die plaatsen in de wereld
waar het geen Pasen, geen feest kan zijn.
De brandhaarden van conflicten en oorlogen: Afghanistan, het Midden-Oosten…
De landen waar mensen onderdrukt worden: Syrië, Iran…
De mensen die armoede en honger lijden: de hoorn van Afrika, Malawi…
De onrust en de angst voor de toekomst in ons eigen land, de crisis, mensen die geen werk kunnen vinden…
Allen die ziek zijn, thuis of in ziekenhuizen of verpleeghuizen…
Mensen die het moeilijk hebben in hun ouderdom, kwalen misschien, eenzaamheid…
Alle kinderen en jongeren, onzeker over hun toekomst, opgroeiend in een verwarrende wereld…
Ons eigen leven, onze geliefden, onze gebedsintenties – we leggen ze U voor in de stilte…

We bidden samen het gebed dat Jezus ons leerde: Onze Vader…