mei 2011 – thomas – psalm 31:1-6 / johannes 20:24-29

Ds. Wim Jansen – Voor de kinderen: Ontdek je handen

Je handen, dat lijkt zo heel gewoon, maar ze zijn heel bijzonder.
Je kunt er zó veel mee!
Met een paar oefeningetjes gaan we onze handen ontdekken (u mag meedoen).
Oefenen met je handen:
Vingers bewegen…
Eten…
Hand geven…
Handen openen…
Iets voorzichtig vasthouden (een jong poesje of een duif)…
Vuist maken…
Handen vouwen…

Ook over God wordt gezegd dat hij handen heeft.
God heeft niet echt handen, maar het wil zeggen:
God wil ons dragen, heel voorzichtig vasthouden, beschermen…
In ons verhaal vanmorgen komt vier keer het woord hand voor…

Meditatie,

Lieve mensen,
Ik richt me in de meditatie tot Thomas,
Thomas als het mensentype zoals Johannes dat beschrijft
en zoals hij als karakter ook in ons allemaal zelf voorkomt:

Beste Thomas,

Had je eindelijk vrede gevonden, Thomas?
Dat wil heel wat zeggen voor jou, jij onrustige, gespleten figuur…
Waarom ik je gespleten noem?
Het is de bijnaam die Johannes je heeft gegeven: Didymus – tweeling.
Jij bestaat altijd uit tweeën, Thomas.
Er is in jou ook altijd die andere stem.
Terwijl je zo snakt naar eenheid, vrede in, verzoening met jezelf.
Daarom is het zo bijzonder dat je vrede vond.
Vrede tussen je linker en je rechterhand,
die elkaar vonden in gevouwen zijn.
In verstilde aanbidding voor die ene mens,
mens uit één stuk, de mens
die alleen maar bestond uit God, uit liefde: Jezus.
In hem was je van je gespletenheid genezen.
In hem had je de eenheid Gods gevonden.
En je stak je handen naar hem uit.

Maar nu zit je weer met gebalde vuisten, vuisten afzonderlijk,
nu ben je weer Didymus.
Je kunt je niet meer overgeven aan de rust, de liefde,
die je in Jezus had gevonden.
Je oude ik, die uit tweeling bestaat,
die oude tweespalt, twee-fel, twijfel, steekt weer de kop op!
Die tweeling in je bestaat vooral uit deze tegenstelling:
Denken, piekeren, tobben, alles rationeel op een rijtje willen hebben –
en anderzijds overgave, rust, het diepe intuïtieve oervertrouwen.
Je kunt ook zeggen: ongeloof en geloof.
Want geloven, dat is in de bijbel: overgave, jezelf toevertrouwen,
zogezegd jezelf uit handen geven!
Maar dat lukt je nu net niet meer, Thomas controlefreak.
Je gaat weer zitten nadenken, het weer stuk denken.
Je voelt wel dat de liefde van Jezus niet weg is,
maar je durft je er niet aan over te geven.
Je voelt wel dat de liefde van God en mensen er nog is,
namelijk in de kring van de vrienden, in de gemeenschap,
maar je kunt het niet accepteren:
Het kan in de donkere wolk van je hoofd niet waar zijn
dat jij wordt liefgehad.
Je durft het jezelf niet toe te eigenen
dat het waar is, de levende liefde, dat het voor jou is.
Eigenlijk vind je altijd alles te mooi om waar te zijn.
Het kan niet zo zijn dat er van mij gehouden wordt…
Er is altijd die meneer Didymus Sombermans in jou,
die zijn wanhoop en eenzaamheid koestert.
Jij bent een van ons, deel van ons.
Waar zit jij in ons verscholen?
Daarover zijn we even stil…

En het gevolg van al dat negativisme, Thomas,
dat is dat je je gaat afzonderen.
Het is altijd de grote verleiding en het grote gevaar
voor alle mensen die ten prooi vallen aan negatieve gevoelens:
Laat mij maar, gooi mij maar in de Schelde,
laat mij maar in m’n sop gaar koken.
Isolement – dat is de valkuil als je een moeilijke tijd doormaakt.
Jezelf ontoegankelijk opstellen, jezelf afsluiten voor anderen,
er vooral niet over praten
en daarmee een dodelijke eenzaamheid over jezelf afroepen.
Je doet alle deuren op slot – precies zoals Johannes zo plastisch beschrijft.
Daar zit je, achter je gesloten deuren.
Met je handen voor je ogen, zodat jij niemand ziet
en jij kunt denken dat niemand jou ziet…
De deuren van je geest, potdicht.

Niemand kan bij je – of toch?
De vrienden laten je niet in de steek!
Zij vertellen over hun ervaringen met Jezus.
Zij blijven jou erbij betrekken.
Dat wil je maar half
en je kunt niet laten ook naar hen toe schamper te reageren:
Als jullie daar in trappen, oké, maar mij krijg je niet zover.
Praatjes voor de vaak.
Ik heb toch de wonden, die vreselijke wonden van Jezus gezien…
En dan willen jullie me doodleuk wijsmaken dat Jezus er nog is…??
Die geloofsverhalen van jullie, allemaal softe onzin.
Ik ben een realist, mij maak je niks wijs.
Dood is dood.
Zijn handen wil ik zien, zijn doorspijkerde handen!
Afwerende gebaren, wegwerpgebaren maken jouw handen nu, Thomas…

En dan vertelt Johannes dat Jezus
dwars door jouw geslotenheid binnenkomt, Thomas.
Hij, of beter kan ik zeggen, zijn liefde, breekt binnen in jouw isolement.
Daar zit jij, als een egel in je stekels opgerold,
en hij vouwt jou voorzichtig open – met zijn handen…
Zie maar, mijn handen, zie mijn wonden,
ik ben het, de liefde zelf.
Want tja, liefde zit vol wonden.
Kwetsbaar, uitermate kwetsbaar in zijn kwetsuren toont Jezus zich hier.

Even terzijde, onder ons:
Het is een geloofservaring die Johannes hier beschrijft.
Een Christusverschijning, kun je ook zeggen.
Dat kan ons net zo goed overkomen.
Sterker nog, het is ons overkomen,
want daarom zijn we hier weer gekomen:
om het opnieuw te ervaren.
Maar u hebt natuurlijk allang begrepen
dat dit bij de meeste mensen niet zo fysiek verloopt als hier verteld.
Wellicht is de liefde van Christus u verschenen
in een gebed, in orgelspel, in een mens,
een innerlijke rust, een gevoel van eenheid….
De kunst nu is om je daaraan te durven overgeven.
Erop te vertrouwen, eraan toe te geven
en het niet stuk te gaan denken

Het niet stuk te denken, zoals jij telkens deed, Thomas.
Maar deze keer niet.
Liefde die zo door jouw kille isolement heen breekt,
daar kun je niet aan weerstaan.
Je ontdooit zowaar, je smelt – en wat smelt wordt één.
Je geeft je over: Mijn Heer en mijn God – mijn Ene, mijn liefde.
Je geeft je over als een kind aan de slaap.
En, met die handen van Jezus voor je,
heb je misschien aan dat kindergebed gedacht,
dat overgavegebed uit Psalm 31, het gebed voor het slapen gaan:
In uw handen beveel ik mijn geest.
In uw handen laat ik mijzelf los…
Je geeft nu jezelf uit handen in de getekende handen van Jezus,
die datzelfde gebed uitsprak aan het kruis:
zijn moment van overgave.

Overgave, aanvaarden dat je wordt liefgehad,
die tweelingstem, die twijfelzaaier, dat negatieve gepieker loslaten,
en je toevertrouwen aan de eenwording met God.
We zijn op weg naar hemelvaart,
het feest van de terugkeer in God, de ultieme eenwording.
Daar mogen we in dit leven al een voorschot op nemen.
Door te oefenen met je handen:
Je neemt je geest in handen en legt hem in de handen van de Eeuwige.
In uw handen beveel ik mijn geest.

Amen.

Liturgie rond Psalm 31:1-6, Johannes 20:24-29 (mei 2011)

Welkom en mededelingen
Intochtlied: Psalm 31:1
We zijn stil voor het geheim van het heilige…
Bemoediging: Onze hulp in de naam van de Eeuwige, die hemel en aarde gemaakt heeft.
Groet: De vrede van Christus met allen, amen
Drempelgebed
Zingen: Psalm 31:4
Kyrië, eindigend met: zo bidden wij U zingend: Heer, ontferm U…
Glorialied: Lied 36 Tussentijds – Wie in de schaduw Gods mag wonen (melodie “Licht dat ons aanstoot in de morgen)
Gebed bij de opening van de Schriften
Opstapje naar het thema: Vingeroefeningen…
Zingen: Gez. 82:1
Lezing: Psalm 31:1-6
Zingen: Gez. 82:2,3
Lezing: Johannes 20:24-29
Zingen: Gez. 82:4,5
Meditatie
Orgelspel
Gebeden
Inzameling van de gaven
Slotlied: Mijn vrede laat ik u… (Taizé, 1 allen, 2 vrouwen, 3 mannen, 4 allen)
Zegene u allen de Eeuwige liefde, in Vader, Zoon en heilige Geest, amen.

Drempelgebed
Gij / eeuwige stilte zijt Gij / in U verzinkt alles / ons leven komt thuis in U.
Gij / het enige dat blijft / als alles om ons heen vervalt / in U stromen wij terug.
Gij / ontvang ons leven / aanvaard het in zijn tekorten / neem het in U op.
Gij / geef ons van dat besef / iets mee in dit uur / en maak U een met ons.
Amen.

Kyrië
Gij,
bron van barmhartigheid,
ontferm U over ons.
Ontferm U over onze zwakheid,
ontferm U over onze schuld,
ontferm U over de pijn van de wereld,
ontferm U over onze onmacht.

Gij, bron van mededogen,
schenk ons mededogen met elkaar,
vorm ons om tot mensen
die zich ontfermen.

Zo bidden wij U zingend: Heer, ontferm U…

Gebed bij de opening van de Schriften
Kom met uw Geest,
adem van leven,
beziel ons, doorstroom ons, doorleef ons,
inspireer ons, troost ons, vuur ons aan,
neem weg wat ons verwart en afleidt van de liefde,
blaas weg de hersenspinsels van onze angst,
kom met uw Geest,
adem van liefde.
Amen

Gebeden
Gij, alles overstijgende,
onnoemelijke die wij toch namen geven.
Wij noemen U:
handen.
In U leggen wij alles neer.
In U leggen wij de zorgen om de wereld neer:

De blijvende onverzoenlijkheid in het Midden-Oosten tussen Israel en de Palestijnen…
De zucht naar recht en democratie in de Arabische landen…
De mensen die het slachtoffer zijn van dictaturen overal ter wereld…
Alle die te lijden hebben onder terreur en oorlogen…
De financiële onrust in Europa, de daaruit voortvloeiende spanningen in ons eigen land…
Het onveilige gevoel en de toenemende agressie in onze samenleving…
Onze persoonlijke zorgen in ziekte, rouw, verdriet, gemis, eenzaamheid, conflicten…
Onze eigen gebedsintenties in een moment van stilte…

We bidden samen het gebed dat Jezus ons leerde:
Onze Vader…