De poort. Buiten wachten of naar binnengaan – 14 februari

Overdenkingenstockvault-tunisian-door135335

Delft, 14 februari 2016
Ds. Tina Geels

Mtt. 4: 1-11
Overdenking
Over God praten zonder te giechelen. Sterk begin van het interview met schrijver, TV en radio presentator. Hij behoort tot de intellectuele voorhoede
van Nederland.
Vraagt de interviewer: Maar meneer Sanders wat is er in hemelsnaam met u gebeurd? We hadden toch afgesproken dat God was afgeschaft?
Ik weet het ook niet, antwoord Stephan Sanders.
Ik werd wanhopig van iedereen om mij heen die het zo goed weet.
Bij alle redeneringen heb ik het idee dat de menselijke maat niet voldoende is.
Hij vertrouwt de lezer toe dat hij soms het woordje God zachtjes oefent en hardop zegt.
Ik voel dat er iets in mij is dat mij boven mijzelf uittilt.
Beetje proef geloven bij mijn vrienden. Kijken hoe hun reactie is.
Het interview raakte mij.
Niet dat ik Stehpan nu zo goed ken maar hij maakt ook voor anderen een opening  in de muur van rede en rationaliteit.
Hij legt hiermee de maakbaarheid van het leven onder vuur, hij durft.
Hij raakt mij omdat hij voor veel mensen spreekt.
Mensen die geloven dat zij alles alleen uit zichzelf moeten halen en daar eigenlijk ook genoeg van hebben.
Ik kom bij het mysterie maar ga dat niet religieus invullen.
Waarom eigenlijk niet?
Deze vraag stelt Stephan Ik wil zijn beeld niet claimen maar herken zijn spoor alsof hij aankomt bij de poort.
Bij een moment dat je een onderscheid voelt tussen binnen en buiten, tussen de zichtbare wereld om je heen en de onzichtbare wereld van de geest.
Veel mensen herkennen deze overgang trouwens niet.
Misschien zijn ze nog nooit echt binnen geweest.
Of is binnen voor hen net zo vanzelfsprekend als buiten, dat kan.
Laten we daarom een voorbeeld gebruiken.
Je komt thuis en trekt eindelijk de deur achter je dicht.
Na een lange werkdag of een vermoeiend rondje boodschappen doen.
Als de voordeur is dichtgevallen kan er ook een ijzige stilte op je vallen.
Je bent alleen. Dit is jouw huis, jouw flat. Rustig soms benauwend.
Binnen zijn is niet altijd fijn.
De deur, als poort heeft ook een geestelijke betekenis.
Je gaat van buiten naar binnen.
Vanmorgen zijn we hier bij elkaar in deze kapel.
We hebben gekozen voor de oude verhalen en zoeken naar de betekenis voor ons eigen leven.
Niet omdat het zo hoort of zo moet.
Nog even met Stephan Sanders: nee deze woorden zijn beproefd en doorleefd voor veel mensen tot troost en steun geweest.
En wij liggen langszij met ons vrije bootje, dicht tegen het oude verhaal aan of met wat meer afstand.

Vanmorgen ontmoeten we Jezus in een van de verhalen die al vroeg over hem zijn opgeschreven. Misschien hier wat aangedikt, daar wat weggelaten. Sommigen zeggen dat hij niet eens heeft bestaan maar vanmorgen stellen we andere vragen.
Direct na zijn inwijding, met het ritueel van de doop, wordt Jezus de woestijn ingestuurd, ingejaagd.
Het wordt een zware tijd van inkeer, van beproeving, van leren.
Jezus komt de boze krachten in hemzelf tegen, want hij is net als wij.
Het kwaad werd in een figuur gestopt en dat was dan de satan, of de duivel die alles steeds weer door elkaar gooit.
Het beeld werd een plaatje en heeft veel mensen ook kinderen bang gemaakt.
Ik denk trouwens niet dat we dit woord opnieuw moeten gaan gebruiken.

Jezus is alleen in de woestijn en hij vast, lezen we.
Hij eet en drinkt minimaal.
De eerste weken gaat dat nog wel maar daarna raakt ook Jezus uitgeput.
Geen mens om hem heen, niet meer voldoende weestand maakt hem kwetsbaar. Dan komen de stemmen. Geen beest of raar figuur in de struiken maar het komt van binnenuit. En daarin is juist dit verhaal diep menselijk.
Kom op,  sist het in Jezus, doe eens een kunstje.
Je bent toch de zoon van God?
De Zoon van God is geen super mens, die van het ene succes naar het volgende rent, zichzelf voorbij.
De zoon van God die de mens in twijfel en onzekerheid. De zoon en de dochter van God dat ben jij, dat ben ik.
Deze verzoekingen sissen ook in ons.
Het is de hoogmoed van het dikke ik, dat steeds maar meer wil.
De verzoekingen zijn onzichtbaar tussen ons en sluipen rond.
Voeden radicale gedachten bij jongeren die zichzelf zo groot wanen dat ze de hele wereld met IS naar hun hand willen zetten.
Het kwaad kruipt rond en zet via het publieke domein aan tot angst.
Kom op,  sist het in Jezus, doe eens een kunstje.
Je bent toch de zoon van God?
Diezelfde arrogante autonomie, die hoogmoed waar we mee begonnen, komt hier ter sprake. Wijzelf de maat van alle dingen, tot je er schoon genoeg van hebt en uitgeput bent.
Doe het, je kunt het. You get what you want, spreekt de coach op gezag van eigen ervaring.
De stem sist rond als een slang, kom je bent als God, je kunt het.
Jij bent de meester over alles. You get what you want.
Tot  je niet verder meer kunt. Er zit namelijk geen eindeloze rek in jouw ego.
Er komt een moment dat je bakzeil moet halen.
In zekere zin is dat wat ik Stephan Sanders zie doen. Hij geeft toe.
De derde verzoeking is over de top: alles zul je krijgen maar je moet voor mij, voor het kwaad knielen. Dan zegt Jezus met zijn laatste krachten:
ga weg van mij Satan. Je gooit alles door elkaar in Gods ogen.
Het kwaad vlucht weg en engelen dienden hem.
Juist dat laatste is zo warm. Er kan niets meer tussen komen.
En engelen dienden hem, zijn als bescherming om hem heen.
Er is meer dan ik alleen. Er is een jij en een wij. Wij zijn op elkaar aangelegd.
Wij behoren aan elkaar toe.
Jezus weerstaat, deze verzoekingen. De zoon van God springt niet van het dak van de tempel maar verzorgt de zieken en bezoekt wie gevangen zijn, wie honger heeft en dorst.

De verzoekingen in de woestijn gaan ook over ons eigen leven in de zichtbare wereld van slagen en falen.
In een woestijn periode van je leven, als je tegenslag hebt in je werk of in je persoonlijke leven. Vaak ben je dan extra kwetsbaar.
Woestijntijd slaat ook op je innerlijke leven, je eigen ziele leven.
Gemeen afbrekend naar binnen toe op een onbewaakt ogenblik:
Zie je wel, zo gaat het altijd.
Ze moeten me niet. Ik word niet gezien.
Je wordt dan gemakkelijk in een spiraal naar beneden getrokken.
Het is niet altijd eenvoudig om het horen van stemmen te onderscheiden van lessen die jij te leren hebt, en die je zelf aan kunt.
Soms heb je hulp en medicatie nodig.
Woestijn tijd is  er als de dag als een grijze deken ’s morgens vroeg al over
je heen valt en je denkt: vandaag doe ik niets.
Woestijn- als een gevoel van leegte van alleen zijn, diep van binnen.
en het komt op als je het niet verwacht. Het overkomt je.
De stilte van de woestijn daar kun je ook voor kiezen in een meditatie of retraite. Als leertijd voor je ziel.
Met zorg en aandacht voor de wilde dieren zullen ze op afstand blijven.

De woestijn – is zo ook een beeld voor ons innerlijk leven.
Psychisch en nog dieper in de geestelijke wereld.
Die plek van binnen die je nauwelijks met een ander kunt delen.
Die plek zo diep van binnen dat het misschien voor jezelf ook onbekend gebied is.
De woestijn is er of je dat nu leuk vindt of niet. Je kunt erin verdrinken, door je mee te laten nemen in negativiteit over jezelf en de ander.
Positief gezien is het een oefentijd om te leren, om dieper door te dringen in de geheimen van het leven en van jou zelf.

De 40 dagentijd voor Pasen is een periode om de weg naar binnen te verkennen.
Deze periode is van oudsher bedoeld als een soort grote schoonmaak.
Want bewust kiezen voor een tijd van inkeer maakt je ziel zuiver.
Je gaat beter leren onderscheiden waarop het echt aankomt, met  de woorden van Paulus. Als je bewust kiest voor een zekere periode van inkeer zul je merken dat je ook weerbaarder wordt.
Je gaat van binnen de ruimte herkennen als een warme plek waar het goed is om dichtbij jezelf op adem te komen. Daar is tijd en aandacht voor nodig.
Even niet dat hijgerige bestaan.
Daarom heeft een periode van vasten en inkeer in alle grote religieuze tradities vanouds een eervolle plaats.
Dit is een kant van religie die juist jonge mensen opnieuw aanspreekt.
Je doet het samen, denk maar aan de Ramadan. Samen vasten verbindt je opnieuw aan jezelf aan de ander en aan het mysterie van de onnoembare Nabije.

Waar ben jij onderweg in jouw leven? Herken je het beeld van de poort waardoor je naar binnen kunt gaan? In de verte misschien of heel dichtbij.
Of ben je bij de poort en wacht je ergens op? Of ben je binnen, of binnen geweest en ben je weer buiten?
40 dagen waarin je de weg naar binnen kunt verkennen.
Als teken om jezelf bij de les te houden kun je afspreken met jezelf of ook met anderen dat je gaat vasten. Even geen wijn, of naar de film.
Daarnaast is het waardevol om elke dag even een moment voor jezelf te nemen.
Even wat afstand tussen jou en de grote problemen van onze samenleving.
Even uitademen hier en nu.
Even niet het dogman van de menselijke maat.
Misschien moet je ook wel even slikken zoals Stephan Sanders en zachtjes het woordje God oefenen al was het alleen al voor jezelf. Ook daar is woestijn tijd goed voor. Oefenen een levenlang omdat het leven de moeite waard is.