De Kracht van Psalmen (februari 2018)

Delft, 18 febr. 2018
De kracht van psalmen

De verzoeking van de heilige Antonius – Dali – 1946

Afgelopen dinsdag is de donorwet door de eerste kamer aangenomen met een krappe meerderheid.
Het was spannend naast de gouden plakken die Nederland wegsleept met
schaatsen in Korea.
Wij zijn nu allemaal donor tenzij je het zelf anders wilt.
Het voelt als de kleine lettertjes bij een lidmaatschap.
Als je het anders wilt moet je zelf actie ondernemen.
Wil ik dit? Tussen wel en niet reed ik op en neer van Delft naar huis.
verstand zegt – ja, gevoel zegt –nee. Ik ben er niet uit.
Er blijven veel vragen.
De hele kwestie raakt aan de zin die jij aan je leven beleeft.
En dat is niet alleen maar leuk.
De titel van het boek: steeds leuker van Jelle Hermus, net gekozen tot het
beste spirituele boek van het jaar, roept ook meteen weerstand op.
Zelfhulp boek voor geluk. Leuk als je net een been gebroken hebt.
Weg ermee! Je hebt het niet allemaal zelf in de hand.
En toch, waar zit zijn punt dan? Is het loslaten van wat je zwaar weegt?
Is het jezelf niet al te serieus nemen?
Natuurlijk kun je over je eigen vragen heen leven.
Soms moet dat in een periode om overeind te blijven.
Je kop er bij houden, kan je in een moeilijke tijd overeind houden.
Dan komen de vragen later terug. Hoe heeft het zo kunnen zijn?
Hoe heb ik het uitgehouden? Je gaat pas nadenken als er weer ruimte komt.
Kun je dingen afwerken, uitpraten.
Er zijn ook vragen in je leven waar je geen antwoord op krijgt.
Je moet ze laten staan. Kleine vragen en grote vragen.
Vragen naar de zin en vragen naar God.
Kun jij vragen laten staan?
Misschien zelfs God als vraag teken.
Bij de kring levenskunst komen we aan de oever van de Seine in Parijs, een visser tuurt naar zijn vishaak, een omgekeerd vraagteken, en wacht eindeloos lang, of er misschien iets gebeurt.
Gebeurt er iets, heb ik beet of niet?
Ben jij die visser, die durft te wachten, die de tijd neemt van het niet en van
het nog niet?
Kun je – het uithouden bij vragen in jouw leven die niet zijn opgelost?
Zonder dat je leven er zwaar door wordt. Is dat leuk?
Durf je te wachten los van oude beelden en vertrouwd houvast?
God als misschien, als mogelijkheid?
Je weet het niet maar het zou kunnen …
God en de kunst van het vissen verbindt mij als moderne zoeker met de woorden van een oud groot verhaal.
Het begin van de veertigdagentijd – geeft ruimte.
Ik laat mij graag opnieuw meenemen in dit oude kader van – het kerkelijk jaar.
Een vrije ruimte waar ik mijn vragen neer kan leggen in verbinding met elkaar.
Ook zoals wij hier vanmorgen bij elkaar zijn.
Voor een moment van inkeer en bezinning onder de hoede van oude liederen
die mensen steun en houvast hebben gegeven, de eeuwen door.

Veertig dagen trekt Jezus zich terug, als voorbereiding op zijn taak.
Veertig is in de bijbel een tijd van – zoeken, van vinden en van gevonden worden.
Jezus- stelt zich bloot aan het licht en aan het donker door te vasten.
Het brengt hem in de buik, in de onderwereld van zijn ziel en van zijn geest.
Het verhaal van Jezus, die zich terugtrekt gaat ook over ons.
Je kunt zelf, ook zonder te vasten, in de onderwereld van jouw innerlijk leven terecht komen.
Voor gesloten deuren staan, voor vragen staan zonder antwoord.
In de periode voor Pasen, – kunnen we met elkaar een stukje inkeer aangaan. We maken afspraken over een gepaste vorm van vasten en delen onze ervaringen.

Aan het einde van zijn vasten tijd is Jezus uitgeput.
Hij wordt van achter en van binnenuit aangevallen door agressieve negativiteit, op de proef gesteld- uit zijn koers weggesleurd.
er is verleiding, er zijn ineens antwoorden op vragen die Jezus niet zelf heeft gesteld. En ik denk even terug aan de donorwet.
De beproeving wordt levendig uitgespeeld in oude beelden van toen met een duivel, die kan praten en de engelen die hem dragen.
Op een manier die ieder van ons kan invullen met zijn en haar eigen verhaal
van nacht en duisternis in je eigen ziele leven.
Momenten van beproeving als je antwoorden nodig hebt, als je de feiten gaat verdraaien, als je de controle verliest.
Als je verdwaalt in het doolhof van jouw – ideeën en gedachten.
Je komt er niet meer uit.
Met zijn laatste krachten – duwt Jezus ze weg, de spoken, de schimmen van de nacht. Met hulp van de Ene, verborgen God.
Niks geen vraagtekens, een uitroepteken: help mij, draag mij door de diepte heen.
En engelen zijn hem tot gids.
We hebben gezongen:
Engelen zendt Hij alle dagen om jou tot vaste gids te zijn.
Zij zullen je op handen dragen door de woestijn van hoop en pijn.
Ik houd van deze oude woorden.
Ze geven geen oplossing van de grote vragen die het leven aan ons stelt.
Ik moet denken aan – mijn studententijd in Amsterdam; – kerk en geloof was uit
daar hield je je niet mee bezig. Geen enkel houvast was in.
Vraagt een mede student – in een café aan mij. Jij weet het, wat is de waarheid. Die bestaat niet als antwoord, flapte ik eruit. De waarheid ervaar ik in mij geloof. Hij zweeg uit respect. Einde discussie want we kwamen niet verder, het leven botste op de leer en het debat zogezegd. Gek dat je zulke kleine episodes uit je eigen leven onthoud. Dat hebben we allemaal. Het zijn kennelijk piketpaaltjes voor je eigen zoektocht.
Geen bewijs, geen rationele argumenten maar een diepe ervaring.
wordt het leven er leuker door? Misschien, wat bedoel je daarmee?
Lichter, ja in het besef dat je er niet alleen voor staat.

De bijbel verhalen spreken over de Ene- als verborgen aanwezig, die mee gaat als een schaduw aan je rechterkant.
De beelden in vooral het eerste Testament zijn rijk en wijds en ontsnappen steeds weer aan wat wij van God willen maken.

Geen antwoorden maar wel een kompas, een houvast voor onderweg.
Een plek waar jij je eigen vragen kunt neerleggen, een nabijheid waar jij je gebeden aan kunt opdragen.
Een schuilplaats, onder de hoede van de Ene.
In de vertaling van Huub Oosterthuis, Karel Eijkman, maar ook uit de NBV of zelfs uit de Statenvertaling. Die oude woorden gaan nog steeds de wereld rond in talloze talen, zoals psalm 25:
Ene, Eeuwige maak mij uw wegen bekend.
Leid mij op uw weg, we bidden erom, we zingen ervan.
We zwijgen erover. We voelen er iets van diep van binnen.
Voorbij alle redenering- in het gebied van ons innerlijk.
Daar waar ruimte blijft, in een oververhitte samenleving.
Voorbij aan debat, de besluiten, voorbij hoe ik mijn leven nog leuker kan maken.
De onbetreden ruimte van stilte en van gebed.

Tijd voor Pasen- tijd van inkeer. Wil jij kiezen voor zo’n tijd van kwaliteit?
Verlang jij als een hert naar stromend water?
God, de Ene als baken in zee, als verte die wenkt, een hand op je schouder.
Als teken voor onderweg nu en in de tijd die komt.