Zomaar een dak (november 2016)

Thema- Zomaar een dak …                                   Delft, 20 nov. 2016
Mtt. 8: 18- 22

Overdenking
Zomaar een dak boven wat hoofden, deur die naar stilte open staat.
Juist nu werd ik geraakt door dat ene eerste woordje: zomaar…
Vandaag gaat het over ons huis, onze plek van ontmoeting. Vandaag gaat het ook over jouw eigen huis.
Zomaar een dak… Hier vanmorgen Abtswoude, vertrouwd voor velen van onze gemeente.
Toevallig een plek onderweg en wij hebben als VH veel verschillende plekken gekend.
Gebouw verkocht lang geleden want het gaat om mensen.
Zomaar en een dak boven wat hoofden, hier al heel wat jaren zo vertrouwd.
hoe kom je hier thuis? Bij de ander, bij jezelf en misschien wel bij dat iets. Bij dat net effe meer, dat ongrijpbare thuis gevoel wat jouw leven even optilt.

Zomaar een dak boven je hoofd.
Hoe actueel zijn die paar woorden voor nu, voor al die mensen opgejaagd- op de vlucht.
Stel je voor dat ik ergens thuis zou zijn, eindelijk aangekomen na een lange tocht vol gevaar.
Wat zou ik dan gelukkig zijn.
Ik denk aan de kinderen die woonden aan het water in Calais. Allemaal in huisjes van plastic en karton. Er waren hutjes met net iets meer, een plekje maar je even stil kon zijn, met het zachte licht van een kleine kaars. Een plekje voor God.
Zo voorlopig is het eigenlijk altijd geweest. Het waren ook toen uit de tijd van het begin, zomaar plekken onderweg waar je even aan kon leggen.
Een veilige plek onderweg, waar je gewoon jezelf kon zijn.
Even niet op de wind.
Een huis waar mensen samenkwamen, een hutje zomaar aan de rand van de woestijn. En nog veel langer geleden hebben ze in Israël een tent gemaakt die kon je meenemen, een huis voor onderweg.
Dat gaf het gevoel van heel dichtbij God. Zo is het aan ons doorverteld.
Zo kwamen ze samen, de mensen van de weg.
Even voor anker en dan maar weer verder. Net als het huisje van karton in de jungle van Calais, het is er allang niet meer. Misschien zijn de kaarsen en ikoon wel meegenomen. En werd het rieten dak niet meer herkend.
Er was een stille, heilige plek voor even.
Zomaar een dak boven wat hoofden. Deur die naar stilte open staat.
we trekken ons terug. En laden ons op aan elkaar aan wat we hier beleven aan dat ene, datgene wat ons boven ons uittilt. Een woord, een gebaar.
de teksten van toen, wat zeggen ze ons voor nu?

En ik dacht aan die paar woorden uit een column van mijn krant:
vetgedrukt: op een gegeven moment las ik de bijbel niet meer omdat ik ‘m uit had. Hij schaamt zich wel maar zegt het toch.
Hij voelt zelf ook wel dat er iets niet klopt. En tegelijk raakt hij hiermee een gevoelige snaar. Blijft het oude boek in de kast omdat het uit de tijd is?
Ik denk van niet, wel zijn er nieuwe woorden  nodig en een open mind.
we zoeken en tasten soms als blinden langs een muur. Waar gaat ook vanmorgen dit oude verhaal open voor nu?
Met een paar woorden wordt het beeld snel neergezet.

Ook de dure mensen zochten Jezus op. Het waren niet alleen de armen van de samenleving.
Zelfs de geleerden van die tijd wilden weten wie hij is. Er ontstaat in ons verhaal een spannend gesprek: ik wil u volgen.
De reactie van Jezus is misplaatst, zo lijkt het.
De vogels hebben nesten, de vossen een eigen hol maar de mensenzoon heeft geen plaats om zijn hoofd neer te leggen.
zegt een leerling later nog: ook ik volg u maar ik moet eerst mijn vader en moeder begraven. Opnieuw geen begrip maar een harde les:
laat de doden hun doden begraven.
Je zou een hekel aan hem krijgen.
Waarom die rare antwoorden waar ik over na moet denken?
soms moet je woorden in de week leggen. Even laten rusten, niet meteen er bovenop als iemand jou beledigd heeft. Zo ook hier.
Jezus is direct: de vogel en de vos kunnen terug naar hun nest maar mind you, weet daar je aan begint. Je weet niet waar Gods woord je brengen zal.
Jezus waarschuwt hem, die religie tot een kloppend systeem heeft gemaakt.
Ik haal je uit je comfort zone. Het is ongemakkelijk als je de weg wilt gaan.
want de Mensenzoon heeft geen vast nest, geen veilig hol als de vos en de vogel.
Geen plaats om zijn hoofd neer te leggen.
Wat wordt hier bedoeld?
Wie is die Mensenzoon? Misschien ook toen al bekend vanuit de oude wereld als een soort sprookjesfiguur. Waar wil hij naar toe? Is Jezus die mensenzoon?
Is hij dit zelf?
Nee, ook ik heb de bijbel niet uit. die oude woorden werken als een spiraal. Steeds op een andere plek in je leven, worden die oude woorden ineens weer
als nieuw. Nu ook hier. Het is alsof Jezus de Schriftgeleerde terugstuurt.
Slaap er nog eens een nachtje over.
Jezus bespeelt de mensen niet met de zachte zwoele stem van een guru, hij stuurt de Schriftgeleerde terug naar hemzelf.
Jezus wijst van zich af in alles  wat hij doet. Dat maakt hem sterk.
Zelfs bij zijn laatste verhoor vlak voor het kruis. Het gaat niet om mijn persoon maar om de grote liefde die je van mij kunt leren.
Niet ik maar dat ene dat wacht ergens diep in jou.
En toen later werd dat ene ook hemzelf.
Jezus verwijst en is het ook zelf, ingevouwen in dat ene geheim van liefde.
En nu in de kentering van de tijd, als het hier vroeg donker wordt, reiken wij zelf verder voorbij aan die ene plek van zomaar … worden ook wij geconfronteerd met onze comfortzone, als vertrouwde plek om samen te komen.
Zullen we dit nu moeten loslaten, we weten het nog niet?
En juist die onzekerheid trekt ons uit ons hol, uit ons nest.
Soms moet je vooruit en weet je niet hoe. Dan is er geen tijd om er nog een nachtje over te slapen of jij je comfortzone wel wilt verlaten.
Je moet, je staat op straat. Hoe verder weet niemand maar juist in zo’n moment van crisis komt er ook ruimte.
Alsof die diepte van dat ene zomaar bloot komt te liggen, onbeschermd, zichtbaar voor jou als een weggetje om te gaan.
ook al ben je nog zo bang.
Ik ben het maar je moet niet achter mij aanlopen, ik wil dat je het snapt.
Ik laat je in alles zien waar het echt over gaat. Dat zijn woorden van Jezus en je gaan over ons intieme leven, ze raken aan jouw binnenkant, zogezegd.
Waar je dacht dat het veilig was.
als je moet gaan, heb je een kompas nodig en van tijd tot tijd een plek om even uit te rusten, dan hier dan daar. Dat kan overal.
Een plek van zomaar …
Maar er is meer. In weg uit je eigen veilige hol- zit een kans om uit te breken uit je eigen systeem, uit je eigen comfort.
Die ene plek van zomaar, is ook diep in onszelf, zonder gebouw en zonder groep van vrienden en tochtgenoten.
Soms moet je zoeken en vragen, soms ben je er voor je het weet.
In een flits, in het ruisen van de bomen. Is dat er waar je altijd naar zocht.
Die ene plek op de bodem van je ziel, jouw diepste grond. In jouw.

Zomaar ergens onderweg kan het gebeuren dat je thuiskomt, dat je zonder oefening of voorbereiding indaalt in je allerdiepste zijn.
De geleerde die Jezus wil volgen, krijgt geen studieboek voor onderweg.
Maar alleen dit ene woord:
De Mensenzoon heeft geen plaats om zijn hoofd neer te leggen. Geen rust en tegelijk is er alle rust.
Het is steeds weer anders dan je zelf had bedacht.

Het verhaal van de mensen zoon, botst en schuurt.
Het is een verhaal dat niet klopt. Geen religieus systeem, geen mooie geestelijke groei maar een waagstuk van leven omwille van dat ene aller diepste geheim.
Omwille van de hele wereld die schreeuwt om verlossing van alle pijn, die los wil van het onrecht hoe de groten aan de macht komen.
Vanwege dat waagstuk wijst Jezus van zich af, hij zet de geleerde terug op zijn eigen benen. Je kunt nog terug. Maar weet dat als je gaat er geen:
geen tempel misschien alleen geen tent, of een hutje van karton. Want de Mensenzoon heeft geen dak boven zijn hoofd, geen steen om zijn hoofd op neer te leggen.
Hij heeft niets en is alles, die ene mens.
Hij is het zelf, hij laat het zien.
en hij wil dat dit ook in jou, in mij opengaat.

Dat iets, wat verborgen ligt op de bodem van jouw ziel. Het is anders, het is apart, het is heilig. Het is stil en het wacht.
Zo ben jij zelf dat huisje van zomaar, waar je binnen kunt gaan.
weet dat je warm wordt ontvangen door die ene Geest van liefde die wacht ook in jou tot zij wakker mag worden in jou.
Is niet ons eigen lichaam de tempel van de ziel?
Hoe kostbaar is ons leven dan en hoe kwetsbaar onze ziel, met zo’n fragiel gebouw waarin jij wonen mag?
Waar je het heilige binnen mag gaan. God als ongemakkelijk, heerlijk en tegelijk aller diepste geheim van ons bestaan geheim, wil steeds opnieuw geboren zijn in jou en in mij.
In dat besef zijn wijzelf deel van die ene mens.

Zonen en dochters van de de belofte, naar zijn beeld en gelijkenis gemaakt en bedoeld.

Zomaar een dak boven wat hoofden, deur die naar stilte open staat.
dat gaat over jou, over mij en over wij samen, ook zoals we hier in alle voorlopigheid bij elkaar zijn om te rusten en weer op te laden.
Nieuwe moed voor als we weer op de wind komen te staan. Zorg voor elkaar.

Kom
altijd weer nieuw, oud en vergeten geheim.
Altijd Aanwezige
Cirkel en kern van mijn leven
Jij trekt aan en omhult
Ruimte van liefde
nodig mij uit om binnen te gaan.
Het is een diep weten in jou.

Want jij bent zelf dat huis waar je binnen kunt gaan.

Ga maar het zal je sterk maken en kracht geven voor alles wat jij tegenkomt op jouw weg.

TG